Het gaat helaas erg slecht met de bij. Het aantal honingbijen gaat in hoog tempo achteruit.

Ook wilde bijen en solitair levende bijen hebben het moeilijk in een landschap met steeds minder bloemen.

De bij staat aan de basis van de biodiversiteit.

Dat betekent dat de bij, samen met nog een groot aantal andere insecten, zorgt voor de bevruchting van planten. 80% van alle landbouwgewassen is afhankelijk van bestuiving van de honingbij, wilde bij en hommels.

Doordat insecten van bloem naar bloem vliegen, op zoek naar stuifmeel en nectar, zorgen zij ervoor dat de bloemen worden bevrucht en de plant vrucht kan gaan dragen. Deze vrucht zorgt weer voor de voortplanting van de plant.

Insecten spelen dus een onmisbare rol in de voortplantingscyclus van vele planten.

Drie soorten bijen

In de vrije natuur komen drie soorten bijen voor: honingbij, de solitaire bij en de hommel.

Solitaire bijen leven niet in een volk. En bij heeft haar eigen holletje, waar zij zelfstandig een larve groot brengt. Dit is een zware taak voor een bij alleen, waardoor ze kwetsbaar is. Mocht de bij iets overkomen, dan is de larve ten dode opgeschreven en is er geen nageslacht meer. Deze bijensoort profiteert snel van een bloemrijke omgeving. Hierdoor is er voldoende voedsel voor de bij en kan zij makkelijker haar larven voeden.

Wilde honingbijen in de vrije natuur zijn bijna uitgestorven. De honingbij die we aantreffen in de natuur is bijna altijd afkomstig van een geteeld volk, onderhouden door een imker. De imker plaatst zijn volk op plekken waar veel bloemen zijn. Een wild honingbijenvolk heeft al snel te weinig voedsel in de omgeving doordat op het moderne platteland weinig variatie aan bloemen is. Ook speelt zijn specialisatie voor grote hoeveelheden bloemen zich parten. De verkenners zien kleinere hoeveelheden bloemen of enkele bloemen over het hoofd.

De hommel leeft ook in een volk en heeft daardoor ook een belangrijke functie bij het bestuiven van bloemen. Hommels houden echter van meer variatie en zijn minder gespecialiseerd in grootschaligheid. De hommel zoekt zelfstandig de omgeving van zijn volk af naar bloemen en neemt daardoor makkelijker kleine hoeveelheden bloemen mee in zijn zoektocht. Hommels ziet men daardoor vaker in de tuin dan bijen.

Achteruitgang van de honingbij

De laatste jaren is een opvallende achteruitgang van het aantal honingbijen waar te nemen. Er zijn verschillende oorzaken in het spel. Gedacht wordt aan het gebruik van pesticiden op planten, een tekort aan bloeiende planten en de varraomijt die de vitaliteit van het bijenvolk aantast. Tot nu toe uitgevoerd onderzoek verklaart niet waarom het de laatste vijf jaar opeens zoveel sneller gaat dan daarvoor. Wel is duidelijk dat de honingbij in zwaar weer verkeert.

Meer bloeiende planten op het platteland

Om de wilde bijen, solitaire bijen en hommels te helpen is het nodig meer bloeiende planten op het platteland te krijgen. Met behulp van subsidies leggen akkerbouwers bloemstroken aan langs de randen van hun akkers. Deze stroken vormen lange bloemenlijnen in het landschap, waardoor de bijen zich makkelijker verspreiden over het landschap. De grote hoeveelheden bloemen vormen een belangrijke voedselbron voor geteelde bijenvolken. Voor de akkerbouwer vormen de grotere hoeveelheden bijen en andere insecten voor een betere bestuiving van hun gewas en bescherming van bepaalde soorten parasieten. Het mes snijdt aan twee kanten. Meer bestuivingen en minder bestrijdingsmiddelen zijn nodig.

U kunt de bij helpen!

Solitaire bijen en hommels zijn bijen die gemakkelijk in uw tuin kunnen overleven. Door het planten van bijvriendelijke bloembollen en het bieden van onderdak aan deze bijen kunt u zorgen dat de bijen populaties in uw omgeving een 'boost' krijgen. Helpdebij.nl verkoopt diverse soorten bijenhotels en hommelhotels van klein tot groot.